U kunt een ingevoegd object ook bewerken met Nero CoverDesigner. U kunt de grootte, de vorm, de positie en desgewenst ook de kleur aanpassen.
De grootte, vorm of positie van een object handmatig wijzigen doet u als volgt:
- 2.
- Selecteer het object dat u wilt bewerken.
- à
- Rondom het object worden een kader met ankerpunten en een rotatiepijl weergegeven.
Geselecteerd object
- 3.
- De positie, grootte en/of rotatie van een object precies aanpassen:
- 1.
- Klik op het menu Object > Geometrie.
- à
- Het venster Geometrie wordt geopend.
- 2.
- Voer de gewenste positie, grootte en rotatiehoek in.
- 3.
- Klik op de knop OK.
- à
- Het venster wordt gesloten en het object wordt overeenkomstig uw wijzigingen aangepast.
- 4.
- Een object in het tekenveld precies uitlijnen:
- 1.
- Klik op het menu Object > Uitlijnen.
- à
- Het venster Uitlijnen Elementen wordt geopend.
- 2.
- Stel de gewenste opties in.
- 3.
- Klik op de knop OK.
- à
- Het venster wordt gesloten en het object wordt overeenkomstig uw aanpassingen in het veld geplaatst.
- 5.
- Als u de positie van een object handmatig wilt wijzigen, houdt u de muisknop ingedrukt en verplaatst u het object.
- 6.
- De positie van het middelpunt van een gebogen tekst wijzigen:
- 1.
- Klik op het middelpunt.
- à
- De cursor verandert in een draadkruis.
- 2.
- Verplaats het middelpunt terwijl u de muisknop ingedrukt houdt.
- à
- De positie van het middelpunt wordt gewijzigd.
- 7.
- De grootte of vorm van een object handmatig wijzigen:
- 1.
- Plaats de cursor op een ankerpunt op het kader.
- à
- De cursor verandert in een dubbele pijl die de richting aangeeft waarin u het object kunt uitrekken.
- 2.
- Klik op het ankerpunt en trek het in de gewenste richting.
- à
- Het object wordt groter of kleiner.
- 8.
- De rotatie van een object handmatig aanpassen:
- 1.
- Plaats de cursor op de rotatiepijl van het kader.
- à
- De cursor verandert in een rotatiepijl.
- 2.
- Klik op de rotatiepijl en roteer het object in de gewenste richting.
- à
- De rotatie van het object is gewijzigd.
- 9.
- De eigenschappen voor bijvoorbeeld de pen, de verfkwast of het lettertype wijzigen:
- à
- Het scherm Eigenschappen verschijnt. De tabbladen die zichtbaar zijn in het scherm, zijn een factor van het geselecteerde object.
- 2.
- Geef per tabblad de gewenste eigenschappen op.
- 3.
- Klik op de knop OK.
- à
- Het venster wordt gesloten en het object wordt overeenkomstig uw wijzigingen aangepast.
- 10.
- De inhoud van artistieke tekst wijzigen:
- à
- De cursor verandert in een draadkruis met de letter A.
- 2.
- Klik op de artistieke tekst en pas de inhoud aan.
- 3.
- Druk op Enter.
- è
- U hebt het object bewerkt.